Zoutwinning onder Waddenzee goedgekeurd

Waddenzee

Zoutproducent Frisia in Harlingen mag tot 2052 jaarlijks meer dan een miljoen kilo zout onder de Waddenzee winnen. De Raad van State heeft daar woensdag goedkeuring aan gegeven. Het ministerie van Economische Zaken verleende Frisia een vergunning van de Natuurbeschermingswet en een vergunning van de Mijnbouwwet. Die zijn bij de Raad in stand gebleven.

De natuurverenigingen Natuurmonumenten, Vogelbescherming en de Waddenvereniging wezen de Raad op mogelijk ernstige gevolgen voor de zwaar beschermde Waddenzee. De zoutwinning kan bodemdaling veroorzaken, waardoor de oppervlakte aan droogvallende wadplaten afneemt. Beschermde vogels als scholekster en kanoet hebben dan ook minder ruimte en tijd om te foerageren op de platen. De verenigingen trokken onlangs met een aantal deskundigen naar de Raad van State om hun vrees voor bodemdaling toe te lichten. Maar de Raad gelooft toch meer in het gelijk van de deskundigen die het ministerie heeft ingeschakeld, zoals TNO. Die voorzien geen problemen, omdat de zoutwinning aan voldoende voorwaarden is gebonden. Zodra de bodem begint te dalen, kan de zoutwinning worden stilgelegd. De kans op bodemdaling is volgens het ministerie en de Raad van State ook zeer klein. De Waddenzee heeft namelijk de neiging om zich aan te passen. Enerzijds is er een natuurlijke zeespiegelstijging. In de Waddenzee wordt die gecompenseerd door de natuurlijke toestroom van zand. Volgens een woordvoerder van de verenigingen kan het ministerie op allerlei plekken zoutwinning toestaan. Hij begrijpt niet waarom nu juist de kwetsbare Waddenzee is uitverkoren. Maar het ministerie heeft een aanvraag gekregen van Frisia om onder de Waddenzee zout te winnen. En als dat mogelijk is, dan is er weinig reden om daarvoor een vergunning te weigeren. TEKST ADRIE VAN DER WEL

Auteur

jkommerie