Column John Coenders | Wijs met vaarbewijs

Kruisende Koersen (3) De antwoordweek.

Eelko Duuren had het helemaal goed vorige week. Bij deze zijn antwoord onverkort.

Linker tekening: Artikel 6.17 lid 6 sub a: (van het Binnenvaart politiereglement). Indien de koersen van twee kleine zeilschepen: (6.17 lid 6). Sub a van dit artikel luidt dan: welke over verschillende boeg zeilen (dat doen ze beiden), elkaar zodanig kruisen dat gevaar voor aanvaring bestaat (dat is hier het geval), moet, ingeval geen der schepen de stuurboordzijde van het vaarwater (is een ruim vaarwater) volgt, het schip dat over stuurboordboeg ligt voorrang verlenen aan het schip dat over bakboordboeg ligt.

Rechter tekening: Artikel 6.16 ook B.P.R. Daar kom ik uit bij lid 5 van dat artikel: Ik heb eerst de leden 1 t/m 4 van dit artikel gelezen en kwam toen uit bij lid 5 en dat luidt: Lid 1 zegt: Dat je dit mag doen nadat je je vergewist hebt dat dit kan zonder gevaar. Is m.i. hier niet het geval. Lid 5: In afwijking van het 2e t/m het 4e lid moet een schip dat een lateraal gemarkeerd hoofdvaarwater (Prinses Margrietkanaal) binnenvaart, anders dan vanuit een daarop uitmondend lateraal gemarkeerd nevenvaarwater (dat is dat deel van het Sneekermeer), voorrang verlenen aan een schip dat in dat hoofdvaarwater langs de laterale markering de stuurboordzijde volgt.

Het kleine schip in het P.M.kanaal doet het laatste, er wordt nu geen onderscheid gemaakt tussen klein of groot schip. De beide andere schepen moeten het kleine schip voorrang verlenen.”

Wilt u reageren? Dat kan via john@wijsmetvaarbewijs.nl of via de site www.wijsmetvaarbewijs.nl Ook op Facebook te vinden