Voorlopige hechtenis weduwe Van Seggeren verlengd

De Westereen

De Leeuwarder rechtbank heeft woensdag in een zogeheten pro forma-zitting de voorlopige hechtenis van de weduwe van Tjeerd van Seggeren uit Kollumerzwaag met drie maanden verlengd. De vrouw zit nu meer dan drie maanden vast, nadat ze eind december werd aangehouden. De rechtbank baseert de beslissing om haar vast te houden onder andere op verfsporen die zijn aangetroffen in de auto van de vrouw en op het lichaam van het slachtoffer.

Tjeerd van Seggeren (37) kwam in de nacht van 8 op 9 juli door geweld om het leven. Hij had die avond een festival in De Westereen bezocht. Zijn levenloze lichaam werd achter een bomenrij aan de Fogelsang gevonden. Op basis van de verwondingen werd in eerste instantie gedacht aan een aanrijding. Van dat scenario is het Openbaar Ministerie (OM) volgens officier van justitie Henk Mous afgestapt. In de omgeving van de plaats delict zijn geen sporen aangetroffen die erop duiden dat er een aanrijding heeft plaatsgevonden.

Omdat Van Seggeren zware verwondingen had op het lichaam en aan het hoofd, denkt het OM denkt dat hij door geweld om het leven is gebracht. Dat zou gebeurd kunnen zijn door één persoon -de verdachte- of meerdere personen. Die laatste optie houdt het OM nog open. Eind december werd de weduwe van Van Seggeren opgepakt, een paar dagen voor ze met de kinderen zou vertrekken naar Duitsland, haar geboorteland.

Volgens Mous zou zij verschillende motieven kunnen hebben om haar man om het leven te brengen. Zo zou er sprake zijn geweest van relatieproblemen. Scheiden zou volgens Mous volgens nadelige financiële consequenties hebben. Bovendien zou Van Seggeren een levensverzekering van 600.000 euro hebben afgesloten. Ook zou Van Seggeren voor zijn dood gezegd hebben dat zijn vrouw had geprobeerd zou hebben hem te vergiftigen.

Op basis van de gegevens van Google Timeline blijkt dat de telefoon van de verdachte omstreeks het vermoedelijke tijdstip van overlijden in de buurt in de buurt van de mobiel van Van Seggeren is geweest. Op zijn kleding zijn dna-sporen van de vrouw aangetroffen. Ze zei zelf tijdens de zitting dat het bewijs aan alle kanten rammelde. Ze ontkende dat ze haar man heeft vermoord. 'Ik weet dat ik het niet heb gedaan', zei de vrouw.

Advocaat Tjalling van der Goot stelde dat het onderzoek in veronderstellingen blijft hangen. Hij vond dat de voorlopige hechtenis moest worden opgeheven. Dat verzoek honoreerde de rechtbank niet. De volgende zitting zal weer pro forma en zal waarschijnlijk het karakter van een regiezitting hebben.


Auteur

Redactie